Delfs blauw en Haagse grandeur

Ik stond op en maakte me klaar.

Ik begon mijn dag in Delft. Daar reed ik een parkinggarage in en schrok een beetje van de 3 euro per uur op het bord. Ik kon niet terug en besloot door de appel te bijten. Toen ik aan trap naar boven nam bleek dat ik midden in het centrum van Delft was, wat uiteraard de prijs voor een deel verklaarde.

Ik liep mijn wandeling en drie kwartier later was ik al terug bij de auto, al had ik heel graag mijn voetjes onder een tafeltje geschoven voor een vers kopje koffie.

Ik reed de parking uit en reed naar Den Haag. Slecht idee, ik kwam hopeloos vast te staan in het drukke verkeer van de politieke hoofdstad. Nadat ik terug wat kon bewegen stopte ik even langs de kant van de weg. Ik vond op internet dat er een P&R voor Den Haag in Ypenburg was, maar dat het nogal snel volloopt.

Een klein stukje snelweg en ik was op Ypenburg. Het was er inderdaad erg druk, ik reed een rondje en net toen ik de parking terug uit wou rijden deed een chauffeur teken dat hij ging vertrekken. Ik draaide me op en nam zijn plaats in.

Ik begaf me naar het station van Ypenburg en in 10 minuutjes met de trein was ik al in Den Haag Centraal. Ik liep het centrum in en deze keer nestelde ik me in een Weense koffiebar. Ik liet het breed hangen en bestelde een Cappucino met gebakje. Na mijn hapje ging in verder en liep door het Binnenhof. Aan de andere kant werd ik aangesproken door enkele Den Haag ambassadeurs (stadsvrijwilligers die toeristische informatie uitdelen). Ik nam een plannetje mee en men wees me op een gebouw waar ik rondleidingen kon boeken voor de Staten Generaal. Het hele complex dus. Ik liep het gebouw in en ik kon nog aansluiten bij de rondleiding van 15u. Dus nog meer dan 2 uur wachten.

Ik vervolgde mijn wandeling doorheen Den Haag maar hield even rust bij een rustige met bomen omzoomde laan. Ik at er mijn rozijnekoeken op en intussen belde ik het nummer van de klantendienst van de museumkaart. Helaas had ik niet stilgestaan bij het feit dat het een 0900-nummer was en bijgevolg enkel bereikbaar is met een Nederlands nummer.

Op het eind van mijn wandeling liep ik terug naar die ambassadeurs en vroeg of ik ergens kon bellen naar dat 0900 nummer, na wat omzwervingen kwam ik terecht bij het Mauritshuis. Daar probeerde ik mijn verhaal te vertellen. In het begin kon de vrouw mij niet volgen, maar een collega bracht toen een blaadje met een 010-nummer op. Het echte nummer dus van het kantoor in Capelle a/d IJssel. Ik schreef het op en zette me toen op de royale zitbanken aan de overkant.

Omdat de ingang van het museum ondergronds is, was de verbinding niet altijd perfect, maar ik kon duidelijk mijn vraag formuleren. Tot mijn verbazing zei de vrouw aan de andere kant van de lijn dat ze niets voor me kon betekenen. “Dus dat betekent dus dat ik helemaal naar huis moet voor een stukje plastiek?” zei ik opgewonden. Haar antwoord was dan ook niet echt bevredigend. Ik vroeg naar een klachtenprocedure.

Ik haakte in en ging terug naar de balie, waar men mij met grote ogen vroeg hoe het mij verging. “Niet goed, ik kan niets doen zonder permanente kaart”. Van het hele circus was ik zenuwachtig en onzeker geworden. Wat moest ik nu doen … Men gaf me een lijst met de grote musea in Nederland en men stelde me voor om er de beste uit te selecteren, kortweg de duurste en grootste. Toen werd ik even opzij geroepen en men bood mij een ticket aan met een docentenkorting. Ik was gevleid met de aanbieding, maar voelde aan dat ik te weinig tijd zou hebben om rustig het museum te bezoeken. De vrouw had niet verwacht dat ik het voorstel zou afslaan.

Ik ging naar buiten en ging nogmaals te rade bij de ambassadeurs. Ik vroeg hun waar ik een goeie Haagse pint kon vinden. Ik was al langs enkele cafés gelopen maar was niet onder de indruk van hun bierassortiment. De drie personen overlegden met elkaar maar voor een echt goed café zou het nog te vroeg zijn. Ik kreeg enkele suggesties, maar vond niet echt mijn smaak. Tot ik in een klein steegje een B&B vond die enkele aardige bieren op de kaart had staan. Ik bestelde een Texels biertje en schoof aan op het terras met enkele Scoutsleden uit (dat bleek nadien) in de buurt van Alkmaar. Het was er harstikke gezellig met een hapje en een babbeltje en ik besloot nog een pint te drinken.

Intussen was het tijd geworden voor mijn rondleiding en ik begaf me naar de ontmoetingsplaats. De rondleiding was interessant, met een uniek beeld op een instituut en een deskundige uitleg. De gids moest ook een groep Italianen op sleeptouw nemen en het systeem met de audiogids werkte wel, maar vond het geen volledige oplossing, nu ik spreek Nederlands dus was het mijn zaak niet.

Toen de gidsbeurt afgelopen was, was het alweer 17u geworden en ik besloot de tram te nemen naar Scheveningen. Want alles in downtown Den Haag leek peperduur te zijn.

Aangekomen in Scheveningen bevond ik me in een regenstorm. Na een korte sprint op de zeedijk liep ik een restaurant binnen die claimde veel bieren op kaart hebben staan en die binnen mijn budget viel qua eten. Alleen was de kaart buiten niet duidelijk welke bieren bedoeld werden.

Ik ging het restaurant in en liep naar aan tafeltje met twee dames die een cocktail aan het drinken waren en ik vroeg of ik even de kaart mocht inkijken. Een van de dames zei behulpzaam dat ik daarin geen eten zou vinden. Maar ik was vooral op zoek naar de drankenkaart. Het aanbod was inderdaad ruim.

Ik liet me begeleiden naar een tafeltje. Net naast de piano waar er een optreden werd verzorgd. Het was er best stemmig.

Ik bestelde een hamburger met een goed bier erbij. Toen ik aan het wachten was op mijn maaltijd merkte ik dat terwijl een van dames naar het toilet ging de andere vrouw met mij oogcontact zocht. Ik had de koe bij de horens kunnen vatten, maar ik gaf geen gevolg omdat ik me toen niet kon verplaatsen. Toen mijn hamburger op was waren ze toch al verdwenen. Kans verkeken? Wie weet.

Ik dacht eraan om nog een tweede bier aan mijn bestelling te hangen, maar de service ging me iets te langzaam. Dus vereffende ik en ging terug richting tram.

In Den Haag ging ik op zoek naar dat steegje waar ik eerder was omdat bleek dat ik in het restaurantje nabij, misschien beter had kunnen eten, maar vooral dat ze ook enkele toppers qua bier hadden. Ik liep de zaak ik en zette me aan de toog.

Alles bij elkaar heb ik daar enkele uren gesleten vooraleer ik terugkeerde met de trein naar mijn auto op de parking.

Ik maakte mijn bedje klaar en ergerde mij aan een paar vrienden die tot een gat in de nacht met elkaar annekdotes uitwisselden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *